Wereldproefdierendag roept belangrijke vragen op

24 april 2018

BPRC - 1. Wereldproefdierendag roept belangrijke vragen op

Wat BPRC betekent voor de wetenschap, volksgezondheid én dierenwelzijn

Vandaag is het wereldproefdierendag. Een dag die in 1979 in het leven is geroepen uit onvrede over het gebruik van proefdieren. Een dag die dit gevoelige onderwerp nog meer dan anders in de schijnwerpers zet. Een dag waarop wij graag het nut en noodzaak van het onderzoek bij BPRC belichten.

Stichting Biomedical Primate Research Centre (BPRC) verricht biomedisch onderzoek en zet daarbij (drie soorten) apen in als proefdiermodel voor het bestuderen van ernstige ziekten bij de mens. Ons doel is een bijdrage leveren aan de ontwikkeling van nieuwe medicijnen of behandelingen voor ernstige ziekten. Waarom is onderzoek op apen daarbij nog steeds nodig? Zijn er alternatieven? Wat voor leven hebben de apen eigenlijk bij ons?

We kunnen ons goed voorstellen dat u met dit soort vragen leeft. En dat u graag een duidelijk antwoord krijgt op dat soort vragen. Daar heeft u recht op. Wij voelen het dan ook als onze verantwoordelijkheid u zo helder mogelijk te informeren. We vertellen u graag wat er binnen ons wetenschappelijk instituut gebeurt en wat ons werk betekent voor de samenleving.

Waarom apen nodig zijn voor onderzoek
BPRC is een wetenschappelijk instituut dat biomedisch onderzoek doet naar ernstige ziektes. Denk aan aids, malaria, hepatitis, tuberculose en auto-immuunziekten, zoals MS. Hoe meer proefdieren op mensen lijken, hoe beter voor het onderzoek. De hoogste voorspellende kracht bereiken we met de inzet van apen. Zij staan genetisch het dichtst bij de mens. Dichter dan muizen, bijvoorbeeld, die ook vaak worden ingezet als proefdier. De resusapen zijn genetisch zelfs voor ongeveer 93% gelijk aan mensen. Daarom wordt deze aapsoort vaak ingezet bij onderzoek. Dan komen we het dichtst bij resultaten die we zouden krijgen als we hetzelfde onderzoek met mensen zouden kunnen doen.

Hoe we te werk gaan
Om de onderzoekstaken goed te kunnen uitvoeren is onderzoek met proefdieren in bepaalde gevallen noodzakelijk. BPRC handelt daarbij volgens de Nederlandse Wet op Dierenproeven (WOD); alleen als er geen alternatieven zijn, mogen apen ingezet worden voor biomedisch onderzoek naar ernstige ziekten. Wij hanteren daarbij de 3 V’s: Vervanging, Vermindering en Verfijning. Het principe van de 3 V’s komt er in de basis op neer dat we (dankzij nieuwe technologieën en verbeterde selectiemethoden) het benodigde aantal proefdieren tot het minimum beperken en dat we het leven van de apen zo aangenaam mogelijk maken.

Wat we doen voor onderzoek zónder dierproeven
Iedereen wil minder dierproeven. Wij ook. Daarnaast zou zonder dieren ons onderzoek veel goedkoper, sneller, makkelijker en flexibeler verlopen. We zouden dan met kweeksystemen veel meer testen naast elkaar kunnen doen, om een voorbeeld te noemen. Dus ook een primatencentrum als BPRC, waar kwalitatief onderzoek belangrijk is, streeft naar proefdiervrij werken. Daarom werken wij met volle kracht en overtuiging aan de ontwikkeling van onderzoek zónder dierproeven en helpen we mee met de implementatie van alternatieven elders. Hoe meer alternatieven, hoe beter. Volledige vervanging van dierproeven is vooralsnog echter een langdurig proces.

Wat we betekenen voor apen in het wild
Wereldwijd worden diverse apensoorten bedreigd met uitsterven. BPRC-onderzoekers werken aan methodes die op een diervriendelijke manier bijdragen aan het behoud van apensoorten. Zo analyseert onze afdeling virologie bloedmonsters van dieren die in opvangcentra zitten om weer ‘losgelaten’ te worden in het wild. Daarvoor is 100% zekerheid nodig dat die apen ‘schoon’ zijn. In principe sturen opvangcentra hun materiaal ter analyse naar ons toe, maar wanneer nodig reizen we af naar de locatie.

Dankzij deze samenwerking draagt het wetenschappelijke werk van BPRC niet alleen bij aan de volksgezondheid, maar ook het welzijn van apen over de hele wereld. Dankzij het onderzoek met apen helpt BPRC mee aan het in stand én gezond houden van primatenkolonies, in dierentuinen én in het wild. En zo levert BPRC ook een wezenlijke bijdrage aan het voortbestaan van zeldzame apensoorten.