Home Nieuws BPRC-onderzoekers leggen puzzelstukjes Long COVID bij elkaar

BPRC-onderzoekers leggen puzzelstukjes Long COVID bij elkaar

Geplaatst op 31-8-2026 , in categorie Nieuws, Onderzoek

BPRC-onderzoekers onderzoeken wat er na een SARS-CoV-2-infectie in lichaam en hersenen gebeurt en leggen zo puzzelstukjes rond Long COVID bij elkaar. 

web PAIS

Waarom krijgt de ene persoon na een coronabesmetting langdurige klachten en de andere niet? En wat gebeurt er in het lichaam en de hersenen? BPRC-onderzoekers Julia van der Bie en Anouk Dijkstra proberen die vragen te beantwoorden. Het AD sprak met de twee jonge onderzoekers over hun werk en het internationale Long COVID-congres in Amsterdam.

Naar schatting hebben tienduizenden mensen in Nederland ernstige langdurige klachten na een besmetting met SARS-CoV-2. Toch is nog altijd niet duidelijk waarom sommige mensen post acute infectie syndromen (PAIS), zoals Long COVID, ontwikkelen en andere niet. Ook een effectieve behandeling ontbreekt.

Promovendi Julia van der Bie en Anouk Dijkstra onderzoeken bij BPRC wat er op langere termijn na een SARS-CoV-2-infectie in het lichaam gebeurt. Tijdens het internationale Long COVID-congres in Amsterdam presenteerden zij hun resultaten aan onderzoekers uit de hele wereld. Ook BPRC-onderzoeker Gunjan Bawne presenteerde tijdens het congres haar onderzoek met een poster. Gunjan onderzoekt welke biologische veranderingen optreden na een SARS-CoV-2-infectie en welke rol die mogelijk spelen bij langdurige neurologische klachten.

Verschillende reacties op dezelfde infectie

Onderzoek bij makaken kan vragen beantwoorden die bij patiënten moeilijk te onderzoeken zijn. Bij mensen is bijvoorbeeld niet altijd bekend met welke virusvariant zij besmet zijn geraakt of hoe ernstig de oorspronkelijke infectie precies was.

Omdat onderzoekers de dieren al vóór de infectie kunnen volgen, kunnen zij veranderingen voor en na de infectie met elkaar vergelijken.

Een opvallende bevinding is dat dieren heel verschillend op dezelfde infectie kunnen reageren. Dat gebeurt zelfs wanneer zij onder gecontroleerde omstandigheden met dezelfde hoeveelheid van dezelfde virusvariant worden geïnfecteerd.

Die verschillen kunnen aanwijzingen geven voor de vraag waarom de ene persoon na een SARS-CoV-2-infectie langdurige klachten ontwikkelt en de andere niet.

Kijken naar lichaam en hersenen

Julia gebruikt onder meer PET-CT-scans om dieren voor en na een infectie te volgen. Daarmee kan zij veranderingen in het lichaam in beeld brengen en onderzoeken hoe die zich in de tijd ontwikkelen.

Collega Anouk richt zich onder meer op veranderingen in de hersenen. De onderzoekers vonden veranderingen in hersencellen die betrokken zijn bij ontstekingsreacties. Ook werden in hersenvocht stoffen gevonden die vrijkomen bij schade aan hersencellen.

Het betekent niet dat daarmee de oorzaak van Long COVID is gevonden. De resultaten leveren wel nieuwe aanwijzingen op over processen die na een SARS-CoV-2-infectie een rol kunnen spelen.

‘Je hebt elkaars invalshoeken nodig’

Juist daarom is het delen van resultaten belangrijk. Long COVID kent meer dan tweehonderd beschreven symptomen en er bestaan grote verschillen tussen patiënten. Geen enkel onderzoek kan die complexe ziekte alleen verklaren.

“Je hebt elkaars invalshoeken nodig om verbanden te ontdekken en het onderzoek verder te brengen”, zegt Julia in het AD.

Tijdens het congres konden de BPRC-onderzoekers hun bevindingen vergelijken met resultaten uit onderzoek bij patiënten en andere onderzoeksmethoden. “Wij proberen wat wij in onze dieren zien weer te linken aan wat andere onderzoekers bij mensen vinden”, aldus Julia. Anouk kreeg tijdens het congres bovendien een mooie erkenning voor haar werk: zij won een prijs voor haar presentatie.

Dichter bij een behandeling

Het uiteindelijke doel is duidelijk: beter begrijpen welke biologische processen bij Long COVID een rol spelen en welke aanknopingspunten dat kan opleveren voor behandeling.

Daarvoor moeten veel verschillende puzzelstukjes bij elkaar worden gelegd, van onderzoek bij patiënten en laboratoriummodellen tot beeldvorming en onderzoek bij dieren. Internationale samenwerking en het delen van onderzoeksresultaten zijn daarbij essentieel.

De puzzel is nog niet compleet, maar steeds meer stukjes worden zichtbaar. De uitdaging is nu om te ontdekken hoe al die kennis met elkaar samenhangt. Juist daar ligt de kracht van samenwerking. De nieuwe contacten en samenwerkingen die tijdens het congres zijn ontstaan, bieden volop kansen om kennis te verbinden en samen de volgende stappen te zetten.

Lees hier het artikel in het AD